- 

Hij is documentair fotograaf, maar geen ver weg fotograaf.
Onderwerpen als priesters in een verzorgingshuis, mannelijke prostituees
met barok-behang en allerhande tractoren werkzaam op het boerenland, dat alles kwam op zijn pad.

Hij studeerde aan de HKU – een kunstacademie in Utrecht waar hij nu docent is. Destijds moest hij als student op een gegeven moment kiezen tussen fotografie en film. Hij koos voor fotografie, want dat kun je alleen doen.
Dat wil zeggen de fotograaf komt alleen, maar het gaat hem vooral over die ander. Het verhaal van de persoon voor de camera moet spreken. En met het maken van series diep je het thema goed uit en trekt de mensen er in.
Zijn series vertellen over aanvankelijk onbekende werelden. “Ik wil de wereld groter maken”. Door het vastleggen van de taferelen en het tonen van de foto’s wordt onze en zijn wereld groter.

Er hangen contactafdrukken op het prikbord. “Nieuwe Vaders” daar werkt hij nu aan. Het zijn opnames van mannen die voor de eerste keer vader zijn geworden. Ze hebben hun baby op schoot. Het is een beeld dat direct doet denken aan alle madonna’s met kind die we kennen, toch is het overduidelijk een hedendaags portret.
Hij komt bij de vaders thuis en zoekt daar een plek waar licht en achtergrond past bij de sfeer van de beoogde opname. Het statief wordt geplaatst en er komt een grote technische camera uit de koffer. Dan gaat de vader op een stoel zitten en neemt zijn baby op schoot. De vader poseert en ja, de moeder moet weg, want dat werkt echt veel rustiger. Het is altijd even afwachten of de baby goed poseert. De fotograaf verdwijnt onder een zwarte doek. Hij maakt de foto en de nieuwe vader met kind zitten enkele seconden stil. De geportretteerden kijken niemand in de ogen. Het is een geconcentreerd gebeuren en juist dat brengt een sfeer in de portretten die bevalt.

Website www.robphilip.com


 - 

Zeven jaar geleden deed ze een cursus quilten en sindsdien maakt ze quilts. Kleurige kleden, kussenslopen, doosjes, pannenlappen en nog veel meer. Op dit moment maakt ze een tas. Ze gebruikt meestal standaard voorbeeldpatronen en maakt af en toe eigen ontwerpen. De stoffen zoekt ze zorgvuldig bij elkaar. Het zijn fleurige stoffen, want donkere kleuren en zwart vindt ze niet mooi.

Meestal gebruikt ze de traditionele quilt techniek waarbij de stof over een vormpje gespannen wordt en alle lapjes heel precies aan elkaar worden genaaid. De vormpjes worden er aan de achterkant uit gehaald en tot slot moet alles nog worden door gepit. De vormen die je nodig heb sneed ze vroeger zelf, ook voor andere mensen die er om vroegen. Nu doet ze dit bijna niet meer, want je hebt er erg veel kracht voor nodig en je kan ook vormpjes kopen.

Aan de wanden in haar huis hangen quilts die ze op de cursus heeft gemaakt. Ze experimenteert met technieken en materialen. Op een paar werken is een kunststoflaag aangebracht die door warmte krimpt, waardoor gaten ontstaan. Ze varieerde op de traditionele quilt techniek door de naden naar voren om te slaan en ze dan vast te naaien.
Een paar werken zijn op tentoonstellingen in Deventer te zien geweest.

De proeflapjes en oefenlapjes die ze maakte zijn deels verwerkt in kussens, kleedjes of doosjes, maar veel kan ze nog niet gebruiken. Ze bewaart ze voor de toekomst. Een af product geeft ze soms weg, maar het meeste houdt ze zelf; het is moeilijk om er afstand van te doen.

Het is een hobby die veel tijd vraagt. Vorig jaar heeft ze in de hobbyruimte beneden in de flat met een paar mensen een quilt-doosje gemaakt. Met wisselend succes want je moet er erg veel geduld voor hebben en dat hebben veel mensen niet.


 - 
Foto’s van zijn buurt maakt hij al jaren, vroeger op filmrol, nu met een digitale camera. Hij maakt heel veel foto’s en verwerkt ze op de computer.
Hoe gaat deze buurtfotograaf te werk? Doorgaans heeft hij geen vooropgezet plan in het hoofd en laat het onderwerp gewoon op zich af komen. Hij loopt door de wijk en maakt een foto als hem iets opvalt.
Dat was anders toen hij zijn huis in Tuindorp fotografeerde, het huis waar hij ruim 30 jaar woonde werd gesloopt. Hij heeft toen gericht een hele serie gemaakt van de afbraak van zijn oude huis. Alles van de sloop is gedocumenteerd tot alleen de lantaarnpaal die voor het huis stond over was.

Wat hij met zijn foto’s doet? Als wijkteamlid maakt hij foto’s van misstanden en stuurt ze naar de gemeente zodat ze het kunnen herstellen. Curieuze dingen stuurt hij op naar de krant. Zoals deze foto waarop twee borden te zien zijn; één met een W en één met een C. Maar de meeste foto’s maakt hij gewoon omdat ze leuk zijn. Hij doet er verder niets mee.

In zijn huis staan her en der gesmede voorwerpen. Die maakte hij toen hij nog werkte. Hij werkte bij een staalbedrijf en is met vervroegd pensioen. Hij zou niet weten waar in Deventer een smidsvuur is en dat heb je nodig om smeedwerk te kunnen maken. Hij maakte destijds een smeedijzeren lampje en een kaarsenstandaard. En van een melkbus maakte hij een haard waarin houtblokjes liggen, met daartussen knipperende kerstlampjes die de suggestie van vuur geven.


 - 

Begin jaren negentig zat hij op de kunstacademie in Enschede (AKI) en studeerde af bij Media Kunst. Nu werkt hij met allerlei media; zoals video, geluid, tekenen, zeefdruk en schilderen. Alles is zelfgemaakt. Hij maakt een nieuw middelgroot schilderdoek, dat betekent katoen opspannen op een spieraam, goed prepareren en dan wit maken. De ondergrond zie je nog door de dunne verflagen heen en daarom is het materiaal van het doek van belang. Met een paar lijnen en kleurvlakken suggereert hij een ruimte en daarin verschijnen enkele figuren uit de krant. Deze personages - afkomstig uit verschillende nieuwsfoto’s - staan nu los van het nieuwsonderschrift, en ze komen elkaar in deze nieuwe omgeving tegen. Maar waar zijn ze? Zijn geschilderde ruimtes bepalen summier binnen of buiten, meer informatie geven ze niet. De figuren zijn juist heel erg precies uitgewerkt. Samen komen ze tot leven en vertellen een associatief verhaal. Gelaagd en zonder begin of einde blijven ze in die ruimte met elkaar bezig.

Het nieuwe atelier in de Van Hetenstraat zal voor hem een werkplek moeten worden om geconcentreerd kunst te maken. Zoiets moet groeien. Hoe het licht door de ramen valt en elk seizoen zich herhaald daar hecht hij aan. Hij laat goede herinneringen achter in zijn oude atelier, aan de beschuttende tuin, de bomen en het verwilderde groen waar hij nu op uit kijkt. Dat bracht inspiratie voor een kunstproject getiteld “De Geheime Tuin”.

In de Van Hetenstraat heeft hij geen eigen tuin. Maar thuis heeft hij een mooie tuin, tenminste als je van een kunstenaarstuin houdt.

Website www.tonkruse.nl

 - 
Vanaf de weg zie je de bakken al aan de balkonrand hangen. Op de vloer ligt kunstgras. Haar geraniums gaan elk najaar naar de kelder en daar blijven ze de hele winter staan. Je moet ze niet vergeten, wel af een toe een beetje water geven. In het voorjaar de planten naar boven halen en ze bloeien de hele zomer.

Aan de gevel hangt een vreemd bordje “Heksenhuis”. Dat is geen waarschuwing; de bewoonster verzamelt heksen. De meeste poppen komen uit Duitsland. Ze kan echt geen winkel voorbij lopen waar een heks staat. Ze heeft er tientallen. In de kamer staan een aantal grote poppen, het zijn menshoge heksen. Aan de muur hangen de kleinere en er staan een paar op een tafeltje naast de leren bank.

Ze heeft de naam dat ze alles schoon krijgt, haar kinderen en mensen in de buurt weten dat. De meeste viezigheid of zelfs hele grote ingedroogde vlekken haalt ze uit stof. Meestal gaat het om hardnekkig vuil in textiel, maar ook andere dingen krijgt ze goed schoon. Haar wondermiddel is groene zeep. Op de vlek moet je groene zeep smeren en het dan lang laten intrekken. Als je daarna de stof in de wasmachine laat draaien, is de vlek er helemaal uit en de stof blijft mooi. Ook bij olievlekken werkt dat, als iemand bijv. aan een brommer heeft gesleuteld. Of de fietsketting heeft afgegeven op een goede broek. Zij krijgt alles schoon.


<< <Vorige | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | Volgende> >>